woensdag 21 juni 2017

deKanttekening bij het einde van een warme en felle Ramadan

Zaman is verdwenen, net zoals de Cosmicus scholen, in naam dan. De websitehttp://fgulen.com/nl/ doet het de ene keer nog wel (zo vandaag), maar gisteren al weer niet.  Maar er komen hier in ieder geval wel weer nieuwe dingen voor in de plaats.
Mehmet Cerit toont weer hoe hij iets klaar kan krijgen: er ligt een eerste nummer van deKanttekening, het nieuwe blad over Nederland, Turkse Nederlanders en een aantal sociaal belangrijke zaken. Zoveel dat je denkt: moet dit dan allemaal in één nummer.
Murat Isik schreef een boek over de Bijlmer. Het bracht mij ertoe om zijn eerste boek ook te gaan lezen: nog over het Oosten van Turkije. Gewelddadig en treurig (bijna zoiets Disgrace, een spiraal naar beneden, van Coetzee), maar je blijft wel lezen. Amina Wadud en een vrouw die het gebed mag leiden in eenmoskee. Marcouch, Jan Jaap de Ruiter, Thomas von den Dunk, Thijl Sunier en nog anderen: veel columns.Kritiek op godsdienstonderricht dat kinderen vang maakt en teveel over de hel spreekt. Voor en tegen besnijdenis, zonder een duidelijk ja of nee aan het einde. Te veel om op te noemen. Wel over het leed van de Gülen-mensen in Turkije, die ingevangenissen gemarteld worden, hun geld en huis en baan kwijt zijn. Maar geen rechtstreekse preek van Fethullah Gülen.
Even stilte.
Dat was ook mijn dominante thema aan het einde van deze Ramadan. Religie kan mooi en inspirerend zijn, maar soms is het ook te veel. Lasten we nu maar even van een adempauze genieten. Even aan de kant blijven staan, alleen een enkele kanttekening.

zaterdag 10 juni 2017

De pycholoog en de bijbel: Tomas Halik

In de jaren 1980 was er een populaire Duitse bijbelwetenschapper/priester/socioloog die furore maakte. Niet de historisch-kritische, maar een meer psychologische lezing zou een echte betekenis van de oude tekst kunnen bieden. Nu is het meer de literaire kritiek: de tekst als een groot geheel.
Nu las ik onlangs toch weer zo'n psychologiserend boek van Tomas Halik, Geduld met God. Het is geschreven door een man geboren in 1948 in Tsjechië. Ondanks of juist door het gedram met atheïstische propaganda, bekeerde hij zich in 1966 als 18-jarige tot vurig en stevig gelovuge. Maakte een studie filosofie af, werkte als psychiater, maar werd in 1978 ook 'clandestien' of 'geheim' priester gewijd. In zijn boeken toont hij begrip voor twijfel, redelijkheid van ongeloof.

In zijn boek Geduld met God, gaat hij herhaaldelijk in op het Zacheus-verhaal van Lucas 19:1-10. De tollenaar in Jericho die  op enige afstand Jezus wil zien en dus in een boom klimt, maar hij wordt naar beneden geroepen. Hij geeft de helft van zijn bezit weg en wat hij door corruptie heeft genomen dat geeft hij viervoudig terug. Maar verder komt hij in het lijdensverhaal en bij de jonge kerk niet voor. Halik ziet in Zacheus de gelovige-op-afstand, die zich niet helemaal aan het instituut of aan de andere mensen eromheen wil geven, maar het boeiend en leerzaam vindt. Geen volledige kerkganger, maar juist iemand die in het moderne Europa ook een mooi voorbeeld kan zijn. In het boek stopt Halik nogal veel anecdotes uit zijn leven zonder er systematisch een biografie van te maken, integendeel. Het zijn fragmenten.
Andere figuren uit de bijbel hebben zo ook wel transformaties meegemaakt. Als eerste natuur Judas, en de meest spectaculaire is wel Maria van Magdala. Soms ook Pilatus. Mooi verhaal.
Afgelopen week waren wij in 'Het Noorden': nog niet echt in noorwegen, maar toch in noord-Duitsland, Bremen en Lübeck en in Denemarken. In de Dom van Bremen was de donkere kerk helemaal vol met brave teksten geplakt. Een Johannes-kerk er vlak bij deed het wat minder opdringerig. Daarvan maakte ik onderstaande foto met ook wel aan aardige tekst, in de lijn van Halik.
De vermaning hoeft er niet al te dik op te liggen!

zaterdag 27 mei 2017

Minimalisme, ook in Nederland een veelvormig ideaal

Over de Portugese kunst, met name in de kerken, waren wij af en toe onthutst: zoveel en zo protserig. Had wel een tandje minder gekund.
Het minimalisme dus: in de muziek heeft het de laatstem tij veel aandacht gekregen, onder meer met een speciale week op de klassieke zender, radio 4. In Vredenburg waren we bij een uitvoering van één uur van Canto Ostinato van Simeon ten Heolt, compleet met een aantal matrassen voor diegenen die het per se liggend willen horen. Een hele zaal vol, een uur lang voor twee pianisten die minimale wijzingen in een steeds doorgaande muziek toepasten. Het Catno Ostinato is inderdaad een soort hoogtepunt, de Matthaeus Passion van de minimal music. Zo was de sfeer ook in Vredenburg.


Er is in Utrecht en Amersfoort een kleine serie tentoonstellingen van de minimalist in beeldende kunst en architectuur Gerard Rietveld. Wat meubels betreft is de Holy Grail wel de 'gemakkelijke stoel', hierboven nog in bruin hout, terwijl ik naast Paule beneden zit op een exemplaar waar de primaire kleuren in staan: naast wit-zwart alleen rood,geel,blauw. De stoel is wat klein voor een fors gebouwd persoon als wij beiden zijn, maar verder best gemakkelijk en voelt ook stevig aan.
Rietveld was een man van weinig woorden en in de film kregen we ook meer van zijn levensgezellin Truus Schröder te horen dan van hem zelf. Hij heeft ook een soort levensfilosofie geschreven, nadat hij was afgestapt van de protestantse orthodoxie die hij in zijn jeugd had meegekregen. Hij ziet zichzelf als een klein onderdeel van een groot voortdurend en zichzelf herscheppend kosmisch systeem. Niet erg uitgebreid en ook niet leidend tot bepaalde daden buiten een besef van deel van de natuur te zijn.
De grote kathedraal van het minimalisme is dan ook het huis waar wij bijna dagelijks langs komen: naar onze mening mooi om te zien maar wel klein. Vooral Truus Schröder vond dat belangrijk: midden in de grote natuur te zijn.
Ook in de grote religieuze systemen, die barok uitgewerkt kunnen zijn als een Gesamtkunstwerk, een groot systeem, kan een hervorming vaak de vorm hebben van minimalisme: wij zitten in een kale Janskerk die door veel kerkgangers daar als verademend rustig wordt gezien. Taizé-liederen hebben aan een enkele regel al genoeg.

Gülen over het 'nieuwe Turkije' waar ik me niet meer thuis voel...



Toen Ahmed Akgündüz in 2003 uitgenodi9gd werd om naar Nederland te komen als rector van de IUR, Islamitische Universiteit Rotterdam, twijfelde hij. Hij had immers ook een uitnodiging voor een positie bij Princeton University. In een droom verscheen hem Said Nursi die hem zei dat hij naar Rotterdam moest gaan om de Europeanen te helpen. 'Wij, Moslims moeten hen helpen, want zij kunnen de strijd tegen de secularisatie zelf niet aan.'
Nu lijkt het omgekeerd: in de visie van Fethullah Gülen (en heel veel anderen!) is Turkije aan het afglijden naar een dictatuur en hebben ze Europa nodig om een gezonde maatschappij te herstellen.
Het onderstaande schreef Gülen naar aanleiding van het bezoek van Erdogan aan Trump, waar ook om zijn uitlevering was gevraagd. Gelukkig en wijselijk heeft Trump dat niet kunnen toestaan: daar gaat hij ook niet over. Hieronder de Nederlandse vertaling van de overweging van Gülen. De Turkse en Engelse tekst is te vinden op https://www.fgulen.com/en/press/columns/51300-the-turkey-i-no-longer-know.
Hieronder een weergave van een groot deel van het artikel dat ook in Washington Post is geplaats, rond 15 mei 2017. Met dank aan de mensen van de site https://fgulen.com/nl/. Nu de presidenten van de Verenigde Staten en Turkije in het Witte Huis elkaar gaan ontmoeten op dinsdag, komt de leider van het land dat ik nu voor bijna twee decennia lang mijn thuis heb genoemd oog in oog met de leider van mijn vaderland. De twee landen hebben veel op het spel, inclusief de strijd tegen de Islamitische Staat, de toekomst van Syrië en de vluchtelingencrisis.
Maar het Turkije dat ik ooit kende als een inspirerend land dat onderweg was naar het consolideren van zijn democratie en een matige vorm van secularisme, is nu het speelveld geworden van een president die er alles aan doet om meer macht te vergaren en elk tegengeluid te dempen.
Het westen moet Turkije helpen om terug te keren naar een democratisch pad. De ontmoeting op dinsdag en de NATO top volgende week zouden gebruikt moeten worden als een gelegenheid om deze inspanningen te bevorderen.
Sinds 15 juli, in de nasleep van een betreurenswaardige couppoging, heeft de Turkse President Recep Tayyip Erdogan systematisch onschuldige mensen vervolgd — 300.000 Turkse burgers zijn gearresteerd, ontslagen, vastgehouden ofwel hun leven verwoest, of het nou Koerden zijn, Alevieten, seculieren, links-gezinden, journalisten, academici of participanten van de hizmetbeweging, de vredesgezinde humanitaire beweging met welke ik geassocieerd ben.
Toen de couppoging zich ontplooide, had ik het sterk afgekeurd en er afstand van genomen. Verder, had ik gezegd dat iedereen die onderdeel was van de poging mijn idealen had verraden. Desondanks, en zonder bewijs, beschuldigde Erdogan mij direct van het orkestreren van de coup op een afstand van 8000 km.
Zijn het de medicijnen die hier zijn gezicht wat boller maken?
Twee maatregelen zijn van uitermate belang om de democratische regressie terug te keren in Turkije.
Ten eerste, een nieuwe civiele constitutie zou moeten worden opgesteld middels een democratisch proces waarin de input van alle segmenten van de samenleving in acht wordt genomen, een die overeenkomt met de internationale en humanitaire normen en die gefundeerd is op de lange term succes van de Westerse democratieën.
Ten tweede, een onderwijscurriculum die democratische en pluriforme waarden benadrukt en het kritisch denken ondersteunt, moet worden ontwikkeld. Elk student moet het belang van de balans tussen overheidsmachten, individuele rechten, scheiding der machten, de onafhankelijke rechterlijke macht en persvrijheid inzien, en de gevaren van nationalisme, politisering van religie en verering van de staat of een leider.
Echter, voor dat kan gebeuren, moet de Turkse overheid de onderdrukking van zijn volk stoppen en de individuele mensenrechten, die door Erdogan zijn geschonden, weer rechttrekken.
Ik zal waarschijnlijk niet lang genoeg leven om de Turkije te zien als een voorbeeldige democratie, maar ik zal bidden dat de neerwaardse autoritaire trend gestopt kan worden voordat het te laat is.

 

zaterdag 29 april 2017

Portugese impressies 5: vrouwen- versus mannenkloosters en kitsch in Estoi

In Vila Vicosa logeerden wij in een klooster van nonnen, precies gebouwd naast het kolossale paleis van de Brabanca-familie, die vanaf 1620 tot 1910 de Portugese koningen leverde. De nonnen waren er om te bidden voor het zieleheil van de overleden hertoginnen van de familie die daar begraven waren. Wij kregen een curieuze kamer. Tussen badkamer/toilet en slaapgedeelte was er een dubbel ijzeren hek, met een tussenruimte van ruim 1 meter. De kamer heette Professore en eerst dachten we dat een brave en geleerde priester de nonnen achter een traliehek kwam inleiden in theologie en mystiek. Maar volgens de staf van het hotel kon je hierin goederen voor de zusters leggen, eventueel ook kinderen als vondeling plaatsen.

Overigens konden wij verder van het specifieke van de zusters alleen nog restanten van de vele fresco's  zien die een vroegere abdis in de gangen en kleine nissen had gemaakt.
Na Vila Vicosa gingen we naar een stoer Franciscanenklooster van Beja, waar in het centrum een oud nonnenklooster was omgebouwd tot museum. De immense rijkdom van het nonnenklooster stond wel in contrast met de strakke lijnen van het zeer grote Franciscanenklooster, nu pousada. Ex-religieus erfgoed dus te over in Portugal en vaak nog mooi onderhouden ook.


Maar voordat de foto's van de kloosters komen hier nog enkele impressies van het gewone leven bij het oude kasteel van heroveraar Koning Dinis: de vrouwen doen de kleine handel, de mannen pauzeren tussen het fietsen en een ambtenaar met laptop moet onderweg wat aan een dame vertellen.



Helemaal boven eerst de te rijke, vergulde kerk van het nonnenklooster in het centrum van Beja. Nu is het een museum en een muurtje in moorse stijl staat er nu als kunstwerk, wat het ook is natuurlijk. Daaronder rijke versiering met tegels van de koorgang: zowel de oude moorse cultuur als die van later Portugal deed veel met tegels.
Helemaal onderaan de grote, te grote kerk waarschijnlijk, van de Franciscanen, nu een beetje lobby van het poussada-hotel geworden, met aan de wand wisselende tentoonstellingen van lokale kunstenaars, en dus ook een nieuwe publieke ruimte.

Tenslotte Estoi: een oude landgoed, rond 1900 helemaal opnieuw opgebouwd in protserige, kitscherige stijl. Door een prachtige nieuw vleugel in heel strakke moderne stijl er bij te bouwen voor zo'n 50-60 kon het nu een luxe poussada-hotel worden.


Zacht roze, zacht blauw: boven het plafond van de grootste kamer. De tuin is mooi bijgehouden, maar er is kennelijk toch niet het geld (en het grote aantal vrijwilligers!) voor zoiets de grote tuinen van Het Loo in Apeldoorn.

Portugese impressies 4: reconquista is meer dan 350 jaar veroveren

Dit is alweer de vierde reflectie van een reis naar pousadas in Portigal, April 2017.
Het duurde 350 jaar voordat de Nederlanders een groot rijk hadden veroverd in huid huidige Indonesië: na de aankomst van de zeevaarders De Houtman en consorten rond 1598 in Atjeh aan kwamen tot het in 1942 door de Japanners werd overgenomen en daarna onafhankelijk werd.
Een nog langere geschiedenis zagen we in Portugal. 1147 was de 'herovering' van Lissabon, en 1249 die van Faro, waarmee de voltooiing was bereikt van de nieuwe christelijke Portugese natie. Al rond 800 was die verovering begonnen.
In Beja is een museum van de pre-Islamitische cultuur van de Visigoten. Helaas was het dicht: 'wegens gebrek aan personeel': een klein kerkgebouw, nu museum, kennelijk door vrijwilligers gerund en nu niet beschikbaar.
Wat wij nog konden zien van de 'herovering was maar montjesmaat, vooral fundamenten en muren.
In Loulé, al in de Algarve, staat dat de kerktoren de minaret was van wat ooit de grootste moskee van de Algarve was. De kerk is stevig herbouwd en er was een bijzondere mis toen wij langs kwamen werd er de Missia Solemnis van Mozart uitgevoerd. Wij hoorden alleen het Alleluia. De kerk was werkelijk overladen vol met ook buiten nog mede-luisteraars.


In 1907 werd in het centrum van Loulé een nieuwe markt, annex winkelcentrum gebouwd. Nog net geen Hoog Catharijne, maar wel  in een heel andere stijl dan het middeleeuwse stadje: namaak-Moorse stijl. Dat was toen kennelijk ineens populair. In 2007 groots hersteld en het kreeg een toeristische prijs want de Algarve praat nu onschuldig over die vroegere Moorse overheersing en vindt het zelfs curieus.

Rond het oudste deel van Faro staat nog de stadsmuur en bij de 'Moorse Poort' is een bord opgehangen ter herinnering aan de 'integratie' van de Algarve in Portugal in 1249. Op een plein staat de veroveraar, Afonso III trots uitgebeeld. Hij schijnt last te hebben gehad van een eigen koning voor de Algarve, maar die afscheiding is hij snel te boven gekomen. Sinds die tijd dus een eenheidsstaat.

vrijdag 28 april 2017

Portugese impressies 3: Estremoz en Elvas. Hergebruik, ook van heiligenverhalen

Tijdens onze Portugese reis (2e de eerste reis was in juni 2012 toen we naar het noorden gingen, langs de kust tot Porto, toen via binnenland terug) lazen we Saramago. Mooiste boek is zijn Memoriaal van het klooster, over de eerste helft van de 18e eeuw  en de bouw van het klooster van Mafra, beetje Sint-Pieter-achtig, neoclassicistisch, toen rommelig en verwaarloosd: voor de helft een militaire academie die weinig indruk op  ons maakte. Alleen erg groot.
Maar het Saramago-boek is  geweldig. Zo tegen het einde van het boek als het klooster wordt ingewijd en een hele serie heiligenbeelden worden aangevoerd (Ned. vertaling, 284-7). De mensen kennen er maar een paar, zoals de blote Sebastiaan  met pijlen in zijn lichaam. Bij het vervoer wordt er onderweg een pastoor bij geroepen, want de mensen willen weten wie er is uitgebeeld. Maar hij kan het ook niet allemaal vertellen. 'Aan heiligenfiguren is er voor elk wat wils. Wil men een heilige die zich toelegt op tuinderswerk en beoefening van het schrift, dan hebben we Benedictus. Wil men een leven van ontzegging, wijsheid en zelfkwelling, trede dan Sint Bruno naar voren. Wil men weer een ander, een om kruistochten te prediken en jonge kruisvaarders te werven, dan is er geen betere dan Sint Bernardus. De drie vormen hier een groep, misschien omdat ze eendere gezichten hebben, misschien omdat hun aller deugden bij elkaar opgeteld een eerlijk man zouden opleveren, misschien omdat hun naam met dezelfde letter begint...'



In Estremoz zagen we een beeld van koningin Isabel (1271-1336) die geld aan de armen weggaf. Vaak zelfs. Haar man zag haar een keer weggaan en vroeg wat er in de rok zat: bloemen kon zij laten zien. Een verhaal dat ook wordt vertelt over haar collega Elisabeth van Thüringen (ook 'van Hongarije' omdat ze daar geboren was). Zij leefde van 1207-1231 en is wel bekender, maar deze Isabel komt dus van het paleis van Estremoz. Rondom de bovenstad aldaar ook de bekende goed onderhouden muren en een mooi paleis (rechts) dat nu een pousada is. Maar niet voor ons, want wij gingen die dag verder naar Vila Vicosa.



Vlak bij de Spaanse grens ligt de vestingstad Elvas. die het tot de lijst van UNESCO werelderfgoed heeft gebracht vooral voor de vestingwerken.Het kasteel schijnt Romeins-Moors te zijn, maar alsmaar herbouwd en vooral de vestingwerken uitgebreid zo groot als die van Naarden. Maar die liggen mooier in het water en omringd door grasvelden. Hier moet je op de middelste foto goed kijken om te zien dat er inderdaad zo'n grote uitstulping aan de vestingwerken ziet. Mooie smalle straatjes met veel bloembakken, witte huisjes, perfect vakantiegevoel! De kathedraal ziet er uit als een stuk vestingwerk ook, maar schijnt toch uit de 16e eeuw te zijn. In andere plaatsen zijn ze meteen na de reconquista begonnen aan een grote kathedraal (zo ook in Evora).