zondag 2 december 2012

Al Fatiha, Soera 1

Soera 2 is de langste van de Koran. Daarna loopt het in lengte terug tot de laatste, 114. Ongeveer tenminste. De eerste soera is het islamitische Onze Vader: Zeven regels die ook beginnen met een lofprijzing en daarna een smeekgebed.


In Gods naam, Erbarmer, Barmhartigheid

Lof aan God, Heer van dit wereldrijk.

Erbarmer,Barmhartigheid
Koning op de dag van het eind der tijd
Jou dienen wij, jou vragen wij, leid
ons op de weg van rechtvaardigheid;
de weg van jouw gunst en beleid,
niet die van jouw haat en nijd,
niet die van verdooldheid.

Dit kleine eerste hoofdstuk van de Koran heeft de functie van het Onze Vader: het wordt vaak gezegd bij formele liturgie en in spontane gebedsdiensten. Moslims kennen dit ook vaak van buiten en zeggen het ook wel in snel tempo op, zoals katholieken hun rozenhoedje bidden.
Het is bijzonder geschikt voor mensen die onderweg zijn, omdat God als een soort Tomtom wordt gevraagd: die ons op de juiste weg kan leiden. Niet teveel omwegen dus, goed op de paaltjes letten bij de wandelingen. Hopelijk ook goed weer, niet te warm en al helemaal geen regen. Vriendelijke mensen onderweg. Ik heb hier een wat vrije vertaling geven, waar het originele rijmschema ook nog bij is. De weg der gerechtigheid is letterlijk de rechte weg, maar dat zit dus ook al in het woord zelf. Het is een thema dat bij de vroege Koranteksten veel voorkomt (zie Birkeland, God guideth): God leidt ons naar een juist richting.


Geen opmerkingen: