woensdag 15 juli 2009

Fethullah Gülen als Succestheoloog

26-27 mei 2009 was er een conferentie in Berlijn, of eigenlijk Potsdam, de buitenplaats waar het bizarre paleis Sans Souci van Frederik de Grote staat, met alles erop en eraan. Alleen is er tussen de Griekse goden en godinnen, wijsgeren en protserige helden als Herakles helemaal geen Germaanse mythe, geen Siegfried of Nibelungen en helemaal geen christendom: alleen later is er een nabouwsel van de San Clemente ergens achter in het grote park verborgen.




De conferentie zelf was een redelijk grote happening: zo'n 28 lezingen, een 300 toeschouwers, grote rijen bij het eten, maar wel gehuisvest in een prachtig modern hotel aan een van die meren van de Spree.
Er kwamen twee beelden van de beweging naar voren. Enerzijds was er het spirituele. Thomas Michel had een meditatie over Ikhlas als sincerity, oprechtheid, eerlijkheid. Dat is dus een van de deugden die in het deugdenboek staan waarvan twee delen zijn uitgegeven onder de titel Sufism. Emerald Hills of the Heart.
Michael Blume had een mooi verhaal over het ontwikkelingsoptimisme van Gülen. Voor zijn hele verhaal zie www.blume-religionswissenschaft.de en dan doorklikken naar Guelenbewegung... Hij vergeleek Gülen met het Pietisme: een niet-politieke spiritualiteit voor zakenmensen die het gemaakt hebben en iets met hun oude religie willen doen, maar dan wel in overeenstemming met de moderne wereld en hun eigen succes. Net zoals de Piëtisten paart hij hard werken aan wantrouwen tegenover wetenschap, maar ook grote realiteitszijn.



In de grote zaal kwam ook het activisme van de beweging naar voren. Ik had zelf een verhaal over de Cosmicus-scholen. Gurkan Celik verbond het activisme met een andere deugd, die van hismet of toewijding, maatschappelijke dienstverlening.
Heel veel debatten gingen natuurlijk over de vraag of er geen verborgen agenda achter Gülen zit. Er werd gesuggereerd dat de komst van Khomeiny naar Iran nog maar een voorproefje was van wat we zouden kunnen meemaken bij de 'terugkeer' van Gülen vanuit de VS naar Turkije. Het leek me een zeer onwaarschijnlijk scenario, ook helemaal niet in de lijn van de Gülen en de Fethullahci of zijn aanhangers zoals ik die in Europa heb leren kennen.

vrijdag 1 mei 2009

De staat en de religie


In De Volkskrant stond een boeiende boek-recensie over Canossa: de keizer die daar drie dagen in de kou stond boete te doen voordat de paus hem wilde vergeven dat hij het benoemingsrecht voor bisschoppen aan zich getrokken had. Tom Holland die een boek over die Canossa-gang schreef, laat daar ook het seculiere westen beginnen, de scheiding tussen kerk en staat. Mooi citaat: "De pikante paradox is dat het hele idee van een seculiere samenleving uiteindelijk aan het pausdom te danken is .. Over de islam wordt vaak gezegd dat die geen reformatie heeft gekend- terwijl het meer houdt zou snijden dat die godsdienst geen Canossa heeft gekend. Voor vrome moslims van nu is het idee van een scheiding tussen politiek en religie even verwerpelijk als voor de meeste tegenstanders van Gregorius toen." En passant wordt ook nog even vermeld dat Oosters Christendom, in Rusland en Griekenland, hierin helemaal met de islamitische eenheid mee zouden gaan. (Tom Holland, De gang naar Canossa. De westerse revolutie in de elfde eeuw Amsterdam:Atheneum en Polak & Van Gennep).

Allemaal wel erg kort door de bocht, wordt daar ook toegegeven. Mijn studenten in Indonesie zeiden zoiets ook wel eens. En dan bleek daar de islam uit de politiek gehouden te worden, een Majelis Ulama als Hoge Raad van Moslimgeleerden gekortwiekt in zijn opinies omdat de politici alles wilden bepalen. Het zit gelukkig allemaal ingewikkelder in elkaar!

In mijn studententijd was het grote boek in meerdere delen over het ondewerp: La naissance de l'esprit laïc, dus over de tegenstelling tussen leek en clerus, over de leek die het niet meer pikt van de reli-deskundige. Dat is ook binnen de islam een probleem, omdat de ulama als kaste de macht over de religie hebben overgenomen en in de Catholica de clerus via de paus de zeggenschap wil. Abduh heeft al geprobeerd de poort van de ijtihad open te breken, maar toch te veel kwalificaties voor religieus zeggingschap laten bestaan. Kan iedereen dan maar alles schreeuwen wat hem goed dunkt? Misschien is dat in religiosis beter dan het aan een kaste over te laten.

Om de Koran heen gelopen: Bespreking van Mulder cs voor BEGRIP


NIEUWE AANVAL VAN DE WESTERSE GELEERDEN OP DE ISLAM?
OF GEWOON EEN INTERN DEBAT TUSSEN (VOORAL) DUITSE GELEERDEN

Sinds enige tijd verschijnen er een aantal kritische studies over de komst en de eerste jaren van de islam. Mohammed zou helemaal niet bestaan hebben, de Koran zou verschillende auteurs hebben en oorspronkelijk in het oud-syrisch zijn samengesteld. Er verscheen een hele serie artikelen in het Dagblad TROUW. Die zijn nu samengesteld in een dik boek. Is dit een nieuw groot complot tegen de islam? Prof. Karel Steenbrink las het en kwam tot de conclusie dat het allemaal wel meevalt. De drieste collega’s in Duitsland krijgen weinig steun van hun collega’s en er wordt vooral degelijk en serieus ondeerzoek naar de islam gedaan.

Na twintig grote artikelen in het dagblad Trouw hebben we nu een stevig boek over het onderwerp van Meindert Mulder en Thomas Milo. Het geheel leest alsof je naar een Steven Spielberg en zijn Indiana Jones zit te kijken. Allerlei korte suggesties dat het allemaal heel anders gegaan is, dat er schokkende ontdekingen gaan gebeuren. Een echt avonturenboek. Een niet zo heel erg bekende professor uit Saarland (daar hadden ze toch die steenkoolmijnen?) heeft een aantal zakken met papieren/beschreven geitevellen gekregen in Jemen. Liefst 35,000 grote stukken! En allemaal de echte oudste Koranteksten. Dit zal de wereld van de Islam, eigenlijk de hele wereld gaan schokken. De vondst was al in 1972, Professor Gerhard Puin werd erbij betrokken tussen 1981 en 1985. Nu is er nog nauwelijks iets over gepubliceerd. Schollend? De vondsten bleken nog aanzienlijk minder sensationeel uit te pakken dan die van Qumrān of Nag Hammadi, die veel boeiende informatie brachten, maar echt het beeld van de oude religie (in dit geval het christendom) niet ingrijpend hebben veranderd. Enkele stukjes van de Koran blijken in Jemen in een andere volgorde te staan. Puin lanceerde ook een theorie, dat de Koran allereerst schriftelijk is vastgelegd, niet eerst mondeling overgeleverd. Omdat het Arabisch schrift nog niet zijn definitieve vorm had, minder puntjes, waardoor bijvoorbeeld een –b- en –t- er hetzelfde uitzagen, was die vroege tekst minder precies. Maar, als zoveel of bijna alle zaken in dit boek blijkt het allemaal niet zo zeker te zijn. 35 jaren na deze ‘sensationele vondsten in Jemen’ zijn er nog altijd weinig concrete gegevens over. Waar ligt dat aan? Puin ging in 2004 met pensioen en de vakgroep Arabisch is gesloten. Er is slechts een enkele publicatie van nauwelijks 5 pagina’s over de ‘vondsten’ en het eerste stuk van het boek is dus nogal teleurstellend.
In de marge hiervan is er een beschrijving van de lotgevallen van een veelbelovend Koran-inderzoek uit de periode 1920-1940 in München. Van 450 oude Korans werden films verzameld en op basis van deze oudste handschriften wilde een instituut aan de Beierse universiteit een vergelijkend onderzoek instellen. Onderzoekers stierven, voor en vooral in de 2e Wereldoorlog, het instituut werd gebombardeerd. Lange tijd ging men er van uit dat de filmpjes verloren waren gegaan. Rond 1990 werd door niemand minder dan de hoogleraar Arabisch van München, Spitaler (1901-2003, emeritaat in 1978) evenwel toegegeven, dat hij de filmpjes nog in huis had. In 2007 heeft de Freie Universität Berlin geld beschikbaar gesteld voor het project Corpus Coranicum, een studie over de oudste handschriften van de Koran, onder leiding van Prof. Angelika Neuwirth en Dr. Michael Marx. Niet alleen de bronnen van de Koran worden in dit boek omstreden verklaard, het geeft ook af en toe een wrange kijk in de westerse academische wereld: zoveel Arabisten, die allemaal de waarheid wisten!
De tweede persoon die nogal sensationeel wordt aangediend is een Libanees die in Duitsland woont en werkt en schrijft onder de naam Christoph Luxenberg. Hij neemt aan dat de Koran aanvankelijk vooral samengesteld en gebruikt is in het Aramees-Syrisch, de taal van de christenen uit de niet-Byzantijnse gebieden van het gebied tussen Turkije en de Perzische golf. Veel wat lastige Arabische woorden worden via het Aramees-Syrisch toegelicht. Resultaat? Voorlopig nog niet erg concreet. Het meest opwindende is wel de vertaling van het Koranische hoeris niet door knappe dames die de martelaren opwachten in het paradijs, maar witte druiven.
Een derde en vierde geleerde maakten het verhaal voor mij aanzienlijk boeiender. Dat zijn muntendeskundige Volker Popp en kerkhistoricus Karl-Heinz Ohlig. Zij zetten de eeuwenlange strijd tussen Perzië en Byzantium/Griekenland centraal. Die strijd bereikte een hoogtepunt in 602-614 (grote overwinning van de Perzen, tot en met verovering van Jeruzalem, Heilig Kruis als buit) en 622-628 (Byzantijnen slaan terug, heroveren Jeruzalem, overwinnen bij een grote veldslag in de Kaukasus en een in Noord-Irak). Beide partijen komen verwakt uit de strijd en een derde partij loopt met de winst weg: de Arabische stammen, misschien die van Midian en de Negev, maar vooral die her en der in Perzië als enclaves waren weggesaneerd bij eerder Perzische volksverhuizingen. Zij nemen van binnenuit het Perzische Rijk over. Zij zijn wel christelijk, maar van andere signatuur dan de bekende Nestorianen of Monofysieten van Syrië. Ohlig noemt hen dan ook maar oud-gelovigen. De Oemajjaden die tussen 660-750 in Damascus regeren, zijn eerst nog oud-gelovige christenen, maar in het debat met ‘andere christenen’ ontwikkelen zij zich tot een heel andere religie, de Islam. Cruciaal hierbij is de bouwer van de koepelrots in Jeruzalem Kalief Abd al-Malik. Het corpus van teksten van deze ‘oud-gelovigen’ wordt uiteindelijk de Koran. Jezus noemden zij onder meer ‘de geprezene’ of Muhammad, en daar is later een aparte persoon van gemaakt. Hoe? Dat is helaas onbekend. Zo gaat dan ook weer een interessante visie bij gebrek aan stevige gegevens de mist in.
Een eerste probleem bij Popper/Ohlig is al dat in de Koran de figuren van Mozes en Abraham veel belangrijker zijn dan die van Jezus. Hoezo de Koran als een voortzetting van oud-gelovige christenen als Jezus wel in de Koran staat, maar toch slechts een ruime 90 verzen, dus hoogstens 1.5% van de tekst inneemt? En Mozes veel belangrijker is?
Ik heb het boek in één adem uitgelezen. Misschien ook wel omdat ik de belangrijkste boeken hierover al had gelezen: de twee dikke delen van Ohlig, het boek van twee Israëlische archeologen Yehuda Nevo and Judith Koren, en al heel wat van Wansbrough en Patricia Crone. We moeten grote bewondering hebben voor de heldere en soepele taal waarin hier een tiental jaren van vooral Duits Islamonderzoek wordt weergegeven. Veel van de doldrieste meningen worden door de auteurs zelf al afgeserveerd. Ze gaan er van uit dat veel andere theorieën het ook niet houden. Na een sterk geborneerd begin, waarin ze er van uitgaan dat ze wel stevig materiaal hebben om het de moslims heel moeilijk te maken, worden ze wat soepeler en omzichtiger naar het einde van het boek. Maar: ze tonen geen enkel gevoel voor de kracht van de Koran zelf. Ook de persoon van Mohammed verklaren ze tot een mistige en nagemaakte figuur, soms op basis van bijbelse modellen, dan weer van het Zoroastrianisme. Maar wie, die de Koran ooit echt heeft leren genieten, zou ervan uit kunnen gaan dat dit een gemaakt brouwsel van allerlei teksten is, uit allerlei bronnen afkomstig? Een niet een weerslag van levendige polemieken rond een centraal them en centrale figuur, maar een brave liturgische compilatie? Angelika Neuwirth, de leidster van het serieuze project dat uit deze academische chaos is voortgekomen, pleit er dan ook voor, dat we ons op de tekst van de Koran concentreren. Al die andere theorieën zijn mooi, maar de Koran is veel beter, krachtiger en die kan deze rimram van historische feitelijkheid en speculatie best hebben.
Voor de eerste generatie van de kritische westerse geleerden (1977-1990) tonen deze auteurs weinig begrip. Over Patricia Crone schrijven ze dat ze helaas minder kritisch is geworden, de islam wél in Arabië en niet in Perzië of Jordanië ziet ontstaan, dus afvallig is van het kritische beginsel van de veelkleurige stroming die hier steeds ‘revisionisme’ wordt genoemd (dus: herziening van de traditionele islamitische en westerse visie). Over John Wansbrough schrijven ze eigenlijk alleen maar dat zijn boeken zo moeilijk te begrijpen zijn. Maar juist Wansbrough deed al wat Neuwirth nu ook nog bepleit: bestudeer de Koran als een aparte tekst, de basistekst en dat is toch de basis. En bovendien: neem ook de geschiedschrijving over Mohammed als een ‘evangelie’, als een tekst met een bedoeling die verder boven oude of moderne historische feitelijke juistheid uitgaat. Alleen zo kun je de echte religieuze bedoeling van die auteurs op het spoor komen. Nu worden toch heel veel vragen gesteld vanuit een plat-historische vraag naar Wie es eigentlich gewesen ist.. Wie weet, zullen enkele van de vele theorieën in dit boek de toets der tijd overleven, maar de tekst van de Koran zelf is zeker de belangrijkste en die stond, helaas, in dit boek maar zijdelings in de belangstelling. En die is toch de echte bron van de Islam. En zal dat ongetwijfeld zo blijven.– Karel Steenbrink
Eildert Mulder & Thomas Milo, De omstreden bronnen van de Islam, Zoetermeer: Meinema, 2009, 438 blz. € 25.00

zaterdag 11 april 2009

Terug naar af


In voorbereiding voor het paasweekend, was er de gebruikelijke enquete, waarbij bleek dat de overgrote meerderheid van Nederlanders Pasen verbond met een Paasontbijt, lente, eieren, extra vrij (2e paasdag mag niet als religieuze feestdag worden ingeleverd voor het einde van Ramadan) en eindelijk dus goed lenteweer.
Geen uittocht uit Egypte, geen kruisdood van Jezus om nog maar niet de spreken van verrijzenis. Op Radio 4 en TV wordt er toch aardig wat aan de Matteüspassion gedaan, er zijn filmen en praatprogramma's, maar in de reclame van supermarkten komt het niet voor.
Terug naar af dus, want het joodse paasfeest toont ook al alle kenmerken van een lentefeest met eerstelingen, een eerste lammetje geslacht. En zo zijn er in Nederland ook allerlei lentegebruiken . Moeten we dus treuren over het verloren religieuze gedachtegoed? In de paasdienst kwamen alle grote thema's mooi naar voren: vanaf de schepping uit de chaos van het woeste water, de schepping als ordening, in een weekserie van zeven dagen, alle soorten geschapen in een samenhang die de mens duidelijk aan de top zette. Dan de verhalen van de Uittocht uit Egypte, weer door het water heen.
Ik had dit jaar voor het eerst medelijden met al die arme soldaten van Farao, zo nodeloos in de oorlog omgekomen.
En dan de verhalen van het lege graf. In de Janskerk gingen we daar heel verschillend mee om. De echte zoeker was niet alleen op zoek naar het antwoord maar vooral naar de vraag. Maar er zat ook een mooie evangelikale vrouw bij het voorbereidingsteam die een band met Jezus zocht.
Geluk toegewenst voorlopig met de lente: dat de lente mooi en zacht moge zijn, de zomer wisselend zoals het hoort.
Gelukkig Pasen!

zondag 29 maart 2009

Uitgesproken meningen


Dit is een tijd waarin uitgesproken opinies, stevig verwoord, het goed doen. Geert Wilders is een van de grote kampioenen van de duidelijke mening, maar onlangs kwam ik ook in het eigen vakgebied mooie voorbeelden tegen.

23 maart 2009 hield Sjoerd van Koningsveld een slotoratie in Leiden bij zijn pensionering. Hij trok stevig van leer tegen diegenen die zouden denken dat de tekst van de Koran later is vastgesteld dan tijdens de codificatie door Kalief Uthman, ca 650, dis een 18 jaar na de dood van de profeet. Hij polemiseerde hier vooral tegen John Wansbrough, die uit de structuur van de Koran allerlei problemen formuleert die eventueel met een beroep op langere ontstaansgeschiedenissen zouden kunnen worden opgelost. Van Koningsveld zette de bewijzen vó;or de codex van Othman prachtig op een rij, maar ging op de Wansbrough-problemen niet nader in.
Een tweede valse richting zijn de Mohammed-ontkenners, Patricia Crone, Lüling en vooral Ohlig, Luxenberg en anderen die de Islam niet in Arabië laten ontstaan maar in het huidige Syrië/Jordanië. En dan vooral als een christelijke of christen-joodse sekte. De arabist Hans Jansen heeft een aantal van deze ideeën ook gepromoot en ook hiermee maakte Van Koningsveld korte metten. Ook de ca 400 brieven die Mohammed op het einde van zijn leven verstuurde naar Arabisch en buitenlandse vorsten om hen tot de islam op te roepen werden grotendeels authentiek verklaard. Ze werden vergeleken met de brieven en decreten van Karel de Grote, ook een bijna-analfabeet, die via secretarissen ook zeer wel een stevige correspondentie kon voeren.
Overigens, over die vergelijking tussen Mohammed en Karel de Grote zie ook hieronder per 26 jan. 2009, waar het Supreme Court in Washington o0ok al zover was.



Een tweede voorbeeld van stevige meningen vond ik bijde nieuwtestamenticus Gerrad Luttikhuizen en zijn boek De veelvormigheid van het vroegste christendom, een lezenswaardige poging om structuren in de veelvormigheid aan te brengen. Paulus wordt (vooral) tegenover de joden-christenen gezet als iemand die de persoon van Jezus en vooral de gebeurtenissen van lijden, dood en verrijzenis centraal stelde, tegenover anderen die er meer een leer over ethiek en de realisering van het Koninkrijk Gods in zagen. Luttikhuizen denkt dat het tij voor Paulus nu niet goed is: te mythisch. "In ons deel van de wereld hebben het visioen van het nabije koningschap van God en de levenshouding die dit vraagt, meer overtuigingskracht. Een niet-Paulinische - en daardoor meer met het joden en met de islam verwante- vorm van christendom heeft hier, en waarschijnlijk ook in andere delen van de wereld, meer toekomst." (blz. 22)

dinsdag 17 maart 2009

Anak Kolong, Kazerneconcubinaat, celibaat en eunuchen

Bij haar 65e verjaardag is er een prachtig boek verschenen voor Elsbeth Locher-Scholte. Het koloniale beschavingsoffensief (Leiden:KITLV 2009) gaat over de laatste decennia van het Nederlands-Indische kolonialisme. Een van de meest ontluisterende verhalen is van Petra Groen over het verbod voor lagere militairen om te huwen (was te duur!) al mocht er dan wel een 'huishoudster' mee in de kazerne. Af en toe was er een hetze tegen deze 'onzedelijkheid', van politici, dominees en priesters. Ook de soldatenpastoor Verbraak heeft zo'n actie in gang gezet (blz. 28) maar het heeft allemaal niet veel geholpen. Pas in 1919 mochten alle militairen trouwen en het kazerneconcubinaat werd in 1928 verboden. Ded 'beschaver' liep hier dus zeker niet voorop.
Henk Schulte Nordholt heeft een mooie bijdrage over reclames en de burgerlijk-westerse idealen van de indische mensen einde jaren 1930: nog geen moderne mall, maar wel dezelfde mentaliteit.




Die verhalen doen je denken aan andere verplichte onthoudingen zoals bij de eunuchen van de Chinese (en andere) keizers en het katholiek-kerkelijke celibaat. Lang nadat de maatschappelijke acceptatie daarvan voorbij is kunnen die nog wel doorgaan!

Een onthutsend verhaal is ook dat van Hans Meijer over 'De Bertha Hertogh-affaire'. Een indo-meisje wordt in de oorlog 1942-1945 liefdevol opgevangen door een moslimvrouw uit Maleisië, maar na 1950 opgeëist door de katholieke ouders. Ook boordevol schijnheiligheid, zoals heel veel van dat 'beschavingsoffensief'.

dinsdag 27 januari 2009

Herder verlaat kudde: de exodus van Aartsbisschop Wim 'Mozes' Eijk


Sinds einde jaren 1960 ben ik actief in een oecumenische kerk. 28 december 1972 zijn we getrouwd in de studentenkerk van Nijmegen. Later heb ik gezongen in Eindhoven, Leiden en sinds 1995 in de EUG, de Ekumenische (of Evangelische?, we weten het niet zeker!) Utrechtse Gemeente van de Janskerk. Prachtig gebouw, gevarieerde diensten, goede contacten en mooie muziek. Vorig jaar hebben we nog een gehele dienst op muziek van Henny Vrienten ingestudeerd. Sobere teksten en sprekende muziek, die nog vaak wordt herhaald. Tot vorig jaar waren er ook nog door het katholieke bisdom aangestelde voorgangers. Die werden helaas 'wegens financiële redenen' ontslagen. Een proces dat onder bisschop Simonis was ingezet, onder zijn opvolger Eijk werd voltooid. Gelukkig heeft de min of meer zelfstandige gemeenschap nog wel de diensten van (ex)deken Henk Bloem en komen de andere katholieke pastores toch ook nog regelmatig.
En dan werd er 10 dagen geleden een nieuw studentenpastoraat ingesteld door het aartsbisdom, met behulp van drie kersverse Nederlanders uit België en Frankrijk, in stevige zwarte pijen gehuld, helemaal aan de andere kant van de stad, in de westelijke Majellakerk, terwijl de Uithof toch echt 30 minuten fietsen verder in het oosten ligt. En heeft de nieuwe bisschop Eijk zich nog aangesloten bij de dissidenten van de Willibrord-kerk, waar het Latijn en andere curiosa uit het pre-Vaticanum II nog worden gekoesterd.
Inderdaad, ook Mozes had nogal eens ruzie met zijn volk en trok zich dan terug op de woeste en onherbergzame Sinai-berg. Want die joden konden wat van ruzie onder elkaar. Zoals het ook een hoofdthema in het Marcus-evangelie is dat het tussen Jezus en de apostelen niet altijd boterde. Vooral Petrus had nogal eens een conflict en koesterde andere opinies dan zijn leraar. Daar is dan ook een vanaf het begin dynamisch en veelkleurig christendom uit ontstaan en dat moeten we dus maar zo houden.
Volgens de socioloog Max Weber is een strakke leer, duidelijke leiding en stevige discipline hét kenmerk van een sekte. Het is ook een normaal verschijnsel in de geschiedenis van de religie, en de sekte zal wel weer tot het veelkleurige van een volkskerk terugkeren, of afsterven. Daar moeten we dus maar mee leven.

Vanuit mijn vakgebied (islam, maar de laatste tijd vanuit mijn Indonesische ervaring ook geschiedenis van niet-westers christendom) ben ik een trilogie aan het schrijven: Catholics in Indonesia. Twee delen, 1808-1942, zijn al in Leiden én in het Indonesisch uitgegeven. Ik werk nu aan het derde deel over 1945-2010. Ook In Indonesië zijn er moeizame bisschoppen geweest, er zijn er zelfs minstens twee afgezet omdat zij teveel problemen maakten, hun kudde hadden verlaten. Maar in het geheel is de vernieuwing na Vaticanum II toch goed gelopen en heeft het een vaak verrassend creatieve katholieke gemeenschap opgeleverd. Maar misschien mag ik niet teveel gaan vergelijken en moeten we voorlopig maar blij zijn met wat we hier hebben van de gekte van Happinez tot de escapades van onze nieuwe bisschop.



Hoe kom je op deze gedachten? Wel, Karel en Paule waren in december 2008 in farao-land, gingen naar de graven, zagen de megalomane beelden van de heren en een enkele keer ook van de dames, kregen ontzag voor de piramides en vonden de sfinx uiteindelijk toch heel mooi. Hier voor de stevige beelden van Abu Simbel.
Dan zegt Paule: waarom doe je dat nou? Daar reageren ze toch niet op, lezen ze niets eens. Maar ik denk aan Petrus: Liber proferetur in quo totum continetur. Zegt Petrus (die al heel lang een stevige computer gebruikt): heb jij je verantwoordelijkheid wel genomen? Nou jou, dan maar in de 'geenstijl' van het medium gedaan.