Van Salamanca naar Segovia reden wij door bijna leeg land: heel grote velden, alsof je in het vroegere Joegoslavië van de kolchozen rijdt. Daarna was het een heel gezoek om in die eigenaardige vallei te komen waar generaal Franco een monument heeft laten bouwen voor de gevallenen (vooral van zijn eigen kant, dus veel kloosterlingen en priesters) als slachtoffers van de burgeroorlog van 1936-9. Het is een basiliek binnen een granieten berg, door gevangenen uitgehouwen. Binnenin mochten we geen foto's maken en er liep nogal wat militair vertoon rond. Al een 6 km voor de te grote paradeerplek moet je betalen en tegelijk je paspoort laten zien. Aan een kolossaal plein ligt dan de erg grote toegangspoort tot het complex, waarboven een wenende Maria met Jezus en daarboven een kruis van 150 meter hoog. Dat zei het reisboek tenminste. Binnen de grote afmetingen van plein ervoor en de deur lijkt het niet eens zo groot.
Wij vonden het een afschuwelijke plek, ook al omdat er na dagen prachtig zonnig weer ineens een serie donkere wolken kwamen. Maar dat hoort wel bij deze plaats. Voor de aankleding binnen in de kerk heeft het Franco-regime een groot aantal tapijten over de Openbaring van Johannes en de eindstrijd tegen de anti-Christ laten namaken. Het licht daarin was erg zwak. Er was wel verwaring in dit immense basiliek, dus het was niet koud. De stichter van de Falangue, José Antonio Primo de Rivera ligt er onder een heel grote steen, aan de volkskant van het priesterkoor; aan de andere kant Francesco Franco. Van andere toeristen hoorden we dat er om 11:00 uut een mis met koor was geweest. Er is vlak daarbij ook een grote benedictijner abdij, met mensen die bidden voor zieleheil van de gevallenenen.
Maar dit is absoluut geen stap in de richting van verzoening of zelfs maar heling: het is allemaal dus super-katholiek en de communistische en andere linkse tegenstanders van Franco worden hier alleen maar als de verkeerde partij gezien!
Wij waren er op de zondagmiddag. Die dag kun je het Escorial niet bezoeken. Dat moest dus tot later wachten!
zondag 10 juni 2018
Segovia: de grote akropolis van Segovia
Heel wat steden in een binnenland zijn gebouwd rond een acropolis, een hooglegen sacraal, maar vaker nog een militair centrum. Het meest indrukwekkend is naast Athene wel die van Aleppo, waar een kleine stad wel een 200 meter boven de 'andere' oude stad uittorent.
In Segovia ligt de kathedraal en de vesting, het alcazar, samen met een gevarieerde kleine oude stad ook zo hoog boven de andere middeleeuwse stad uit.
Het mooist is het te zien bij de toegang van het aquaduct tot het centrum van deze akropolis.
De oude kathedraal is in 1520 bij een opstand van de Spaanse bevolking tegen hun vorst in brand gestoken en de later gebouwde is ook wel mooi, maar was toch minder indrukwekkende dan de drie groten: Toledo, Avila en Salamanca. Van het Alcazar (ook weer herbouwd, na een brand in 1862) hier alleen een Santiago Matamoros. Die hoofden blijven maar vallen.
In Segovia ligt de kathedraal en de vesting, het alcazar, samen met een gevarieerde kleine oude stad ook zo hoog boven de andere middeleeuwse stad uit.
Het mooist is het te zien bij de toegang van het aquaduct tot het centrum van deze akropolis.
De oude kathedraal is in 1520 bij een opstand van de Spaanse bevolking tegen hun vorst in brand gestoken en de later gebouwde is ook wel mooi, maar was toch minder indrukwekkende dan de drie groten: Toledo, Avila en Salamanca. Van het Alcazar (ook weer herbouwd, na een brand in 1862) hier alleen een Santiago Matamoros. Die hoofden blijven maar vallen.
Alba de Tormes: de Hertog en de mystica Teresa
Wij zaten in Salamanca op een 20 km van Alba, waar nog een kolossaal restant van het kasteel van de hertog van Alva bewaard is gebleven en zelfs opgetuigd als een bijzondere toeristische attractie.
Wij dus naar Alba, een lieflijk stadje aan een rivier, gedomineerd door een grote donjon en wat bouwvallen van de rest van het kasteel. Op de kerken van het stadje ook hier weer de ooievaars. Een kerk heeft groots de tekst van Teresa: Solo Dios basta: alleen God, dat is genoeg.
Eind 19e eeuw bestonden er plannen in om dit Alba een supergrote basiliek ter ere van het graf van Teresa te bouwen. De grafkapel, annex museum is klaargekomen, verbonden met een maar half klaar gekomen priesterkoor, terwijl er van de basiliek alleen maar pilaren en wat muren staan. Toen wij in het museum-grafkapel (ja, je betaalt er voor net als bij het graf van Rumi in Konya, dat officieel ook een museum is; maar dat van Ibn Arabi is in Damascus is nog een echte gebedsplaats!) er naar vroegen zeiden ze dat het geldgebrek was geweest. Toch raar zo'n museum-grafkapel, kijken en bidden dus, en een onaffe basiliek, terwijl er in het hele land zo veel bewondering voor de mystieke vrouw is!
Boven zie je links het museum annex grafkapel (met een beetje raar het graf van Teresa te midden van schilderijen met Teresa in de bekende nogal zoetige poses). Kennelijk kunnen de zusters van het er bij gebouwde klooster het allemaal in een meer devote setting zien. Achter het beeld van JPII staat het geplande priesterkoor, maar onder zie je achter een hekwerk de structuren van de basiliek die al ruim 125 jaar niet af is.
Hierboven de grote donjon van de in Nederland zo gehate hertog van Alva. Daaronder de ridderzaal in die donjon, versierd gevechten. Het doet er niet zo toe wie hier tegen wie vecht. Door de tijden heen zijn de literaire en visuele weergaven van legerconfrontaties nogal gelijkend.
Wij dus naar Alba, een lieflijk stadje aan een rivier, gedomineerd door een grote donjon en wat bouwvallen van de rest van het kasteel. Op de kerken van het stadje ook hier weer de ooievaars. Een kerk heeft groots de tekst van Teresa: Solo Dios basta: alleen God, dat is genoeg.
Eind 19e eeuw bestonden er plannen in om dit Alba een supergrote basiliek ter ere van het graf van Teresa te bouwen. De grafkapel, annex museum is klaargekomen, verbonden met een maar half klaar gekomen priesterkoor, terwijl er van de basiliek alleen maar pilaren en wat muren staan. Toen wij in het museum-grafkapel (ja, je betaalt er voor net als bij het graf van Rumi in Konya, dat officieel ook een museum is; maar dat van Ibn Arabi is in Damascus is nog een echte gebedsplaats!) er naar vroegen zeiden ze dat het geldgebrek was geweest. Toch raar zo'n museum-grafkapel, kijken en bidden dus, en een onaffe basiliek, terwijl er in het hele land zo veel bewondering voor de mystieke vrouw is!
Boven zie je links het museum annex grafkapel (met een beetje raar het graf van Teresa te midden van schilderijen met Teresa in de bekende nogal zoetige poses). Kennelijk kunnen de zusters van het er bij gebouwde klooster het allemaal in een meer devote setting zien. Achter het beeld van JPII staat het geplande priesterkoor, maar onder zie je achter een hekwerk de structuren van de basiliek die al ruim 125 jaar niet af is.
Hierboven de grote donjon van de in Nederland zo gehate hertog van Alva. Daaronder de ridderzaal in die donjon, versierd gevechten. Het doet er niet zo toe wie hier tegen wie vecht. Door de tijden heen zijn de literaire en visuele weergaven van legerconfrontaties nogal gelijkend.
Twee kathedralen in Salamanca
Jacques Dumarcay schreef het al eens over de grote tempels van Midden-Java: zolang een bouwwerk gebruikt wordt, wordt eraan bijgebouwd, veranderd, vernieuwd. Pas als het buiten gebruik raakt, dan versteend het letterlijk: hooguit wordt er dan voor het behoud nog wat aan gerestaureerd. Heel veel van de Europese paleizen en kathedralen zijn wel vanuit een groot concept begonnen, maar tijdens en na de bouw is er vaak wel weer ingrijpend veranderd. Een romaanse kathedraal werd zo gothisch, of 'barockiert' met heel veel gipsen gordijnen. In Salamanca hebben ze de (kleinere) romaanse kathedraal laten staan en er gewoon meteen naast een in renaissance-stijl neergezet. De toegang begint bij de laatste. Ook weer met zo'n dubbelkoor in het midden, zodat de grote ruimte versnippert is, tenminste als je van het standpunt van de gewone vrouw of man, de leken, tegen zo'n gebouw aankijkt.
Naast het 'hoofdprogramma' in het priester- en het kanunnikenkoor, is er voor toerist en devote gelovige een gang langs de zijkapellen mogelijk. Bijzonder hier was een kapel voor aller heiligen bij elkaar (en dus voor alle bijzondere en particuliere noden).
Het meest spectaculair in de 'oude kathedraal' is het grootse ensemble van bijbelse taferelen bij het hoofdaltaar. Dat heet in de reisboeken dan wel 'de bijbel van de armen' maar je moet in de verhalenschat van bijbel en kerkgeschiedenis al heel goed thuis zijn om om er een duidelijke zin in te zien. Het is ook vaak een eigentijdse toepassing van die verhalen. De versobering van de verhalen tot tekst is dan ook een verarming.
Niet overal staan verklaringen bij. Deze vrouwelijke heilige wordt in een zijkapel geëerd. Links wordt zij door een man met een tulband, dus een moslim, tot bij de vorst geleid. Rechts wordt zij onthoofd. Zij draagt de palm van maagden en martelaren. Vóór dit altaar stond een graf met een beeld, waarvan de voeten deels waren afgehakt. Toeristen gingen er voor zitten, met hun voeten er tegenaan, waarop dan een foto werd gemaakt. Het was er zo vol met toeristen dat ik daar geen fatsoenlijke foto van heb.
Dit laat weer eens zien dat je overal nog wel weer ergens die moslim-heerschappij over Spanje tegenkomt. Niet als een groots rijk en in grote pracht als in het zuiden, in Andalusië, maar als nog steeds een ietwat pijnlijke periode van Spanje.
De universiteit kom je niet zo duidelijk tegen als één groot gebouw, één groot instituut. Overal in de stad zijn er wel universitaire gebouwen. Plateresk is ook de grote gevel hierboven. Er is ook altijd wel iets met uniformen te doen, de meisjes in licht-grijze jurken met de gele shawls eroverheen, zijn wel lid van bestuur van een of ander, van een studentenvereniging of faculteitsbestuur: zo gaat dat met studenten, die aan hun CV bouwen!
Naast het 'hoofdprogramma' in het priester- en het kanunnikenkoor, is er voor toerist en devote gelovige een gang langs de zijkapellen mogelijk. Bijzonder hier was een kapel voor aller heiligen bij elkaar (en dus voor alle bijzondere en particuliere noden).
Het meest spectaculair in de 'oude kathedraal' is het grootse ensemble van bijbelse taferelen bij het hoofdaltaar. Dat heet in de reisboeken dan wel 'de bijbel van de armen' maar je moet in de verhalenschat van bijbel en kerkgeschiedenis al heel goed thuis zijn om om er een duidelijke zin in te zien. Het is ook vaak een eigentijdse toepassing van die verhalen. De versobering van de verhalen tot tekst is dan ook een verarming.
Niet overal staan verklaringen bij. Deze vrouwelijke heilige wordt in een zijkapel geëerd. Links wordt zij door een man met een tulband, dus een moslim, tot bij de vorst geleid. Rechts wordt zij onthoofd. Zij draagt de palm van maagden en martelaren. Vóór dit altaar stond een graf met een beeld, waarvan de voeten deels waren afgehakt. Toeristen gingen er voor zitten, met hun voeten er tegenaan, waarop dan een foto werd gemaakt. Het was er zo vol met toeristen dat ik daar geen fatsoenlijke foto van heb.
Dit laat weer eens zien dat je overal nog wel weer ergens die moslim-heerschappij over Spanje tegenkomt. Niet als een groots rijk en in grote pracht als in het zuiden, in Andalusië, maar als nog steeds een ietwat pijnlijke periode van Spanje.
De universiteit kom je niet zo duidelijk tegen als één groot gebouw, één groot instituut. Overal in de stad zijn er wel universitaire gebouwen. Plateresk is ook de grote gevel hierboven. Er is ook altijd wel iets met uniformen te doen, de meisjes in licht-grijze jurken met de gele shawls eroverheen, zijn wel lid van bestuur van een of ander, van een studentenvereniging of faculteitsbestuur: zo gaat dat met studenten, die aan hun CV bouwen!
Bizarre horror in nonnenklooster
In het vrouwenklooster van de Dominikanessen van Salamanca is een kruisgang vol met rare beelden van een soort horrorfiguren. Waarom die op de kapitelen terecht zijn gekomen wordt er niet bij verteld inonze reisgids.
In plaats van de beelden van bijbelse figuren of heiligen hier dus vooral angstaanjagende duiveltjes, satirs. Allemaal om het kwaad af te wenden of de vrome zusters te beschermen tegen kwaadwillende gasten?
En dan ineens een mooi meisje: vrouw van of zelf weldoenster van het klooster? Een mooi poort in Moorse stijl is er ook overgebleven. Heel veel opzienbarende dingen over bijzondere afbeeldingen blijven toch even zonder verdere verklaring. Salamanca was in ieder geval zeker de meest humanistische, meest afwisselende van de kleinere steden die wij zagen. Niet als Arajuez, Toledo of Avila, door één of twee personen en stijlen gekenmerkt, maar van alles dooreen. En vooral ook: een stad met heel veel studenten, jonge mensen.
In plaats van de beelden van bijbelse figuren of heiligen hier dus vooral angstaanjagende duiveltjes, satirs. Allemaal om het kwaad af te wenden of de vrome zusters te beschermen tegen kwaadwillende gasten?
En dan ineens een mooi meisje: vrouw van of zelf weldoenster van het klooster? Een mooi poort in Moorse stijl is er ook overgebleven. Heel veel opzienbarende dingen over bijzondere afbeeldingen blijven toch even zonder verdere verklaring. Salamanca was in ieder geval zeker de meest humanistische, meest afwisselende van de kleinere steden die wij zagen. Niet als Arajuez, Toledo of Avila, door één of twee personen en stijlen gekenmerkt, maar van alles dooreen. En vooral ook: een stad met heel veel studenten, jonge mensen.
vrijdag 8 juni 2018
Extravagante buitenkunst in Salamanca
Bij onze rondreis door 'Het Hart van Spanje' kwamen we in Salamanca een nieuw woord tegen: 'plateresk' voor een nogal drukke bewerking van de buitenkant van grote gebouwen. Met liefst zoveel mogelijk van het oppervlak bewerkt, zoals een zilversmid ook een dienblad met zoveel mogelijk krullen en lijntjes bewerkt. Wij hadden bij binnenkomst van Salamanca het idee dat zich hier een soort rivaliteit tussen de twee grote geleerden-ordes, een competitie had voorgedaan. Wij hebben het grote Jezuïeten-klooster annex college (nu een pauselijke universiteit) en kerk, niet uitvoerig bekeken. Eerst dus de Dominikanen maar.
Nog net buiten de oude stadsmuren ligt het grote Dominikanerklooster van San Esteban. De steniging van Stefanus staat groots te midden van allerlei andere motieven uitgebeeld. Voor de grotere kerken en kathedralen betaal je een niet al te hoge toegangsprijs, zo'n 3 tot 8 euro: bij de toeristische gebouwen tikt dat waarschijnlijk wel aan. Het schijnt dat de Sagrada Familia van Barcelona grotendeels betaald wordt door zulke gelden. Het klooster in Salamanca had een heel groot deel van het gebouw ook open gesteld. Je kon eigenlijk niet goed zien hoe het met de huidige stand gesteld is.
Bij aankomst, nog vroeg in de morgen, zagen wij een hele groep in klederdracht. Ze waren net klaar met opnamen voor een film over vroegere tijden. Moderne uithangborden waren even weggehaald en werden nu dus weer teruggeplaatst.
In het klooster was er veel aandacht voor de renaissance plafonds: nog lichter en hoger dan de gotiek ze kon maken. Via spiegels kon je ze nog wat makkelijker zien. In de kerk stonden de beelden voor de Goede Vrijdagprocessie al klaar en in een museum was er nogal wat christelijke kunst uit de Philippijnen, waaronder een Michael die wel op een heel gevoelig deel van de duivel staat!
Ooievaars zie je bij heel veel kerken en sommige andere grote gebouwen in Spanje. Hier enkele paren die op de San Estaban onderdak hebben gevonden.
Nog net buiten de oude stadsmuren ligt het grote Dominikanerklooster van San Esteban. De steniging van Stefanus staat groots te midden van allerlei andere motieven uitgebeeld. Voor de grotere kerken en kathedralen betaal je een niet al te hoge toegangsprijs, zo'n 3 tot 8 euro: bij de toeristische gebouwen tikt dat waarschijnlijk wel aan. Het schijnt dat de Sagrada Familia van Barcelona grotendeels betaald wordt door zulke gelden. Het klooster in Salamanca had een heel groot deel van het gebouw ook open gesteld. Je kon eigenlijk niet goed zien hoe het met de huidige stand gesteld is.
Bij aankomst, nog vroeg in de morgen, zagen wij een hele groep in klederdracht. Ze waren net klaar met opnamen voor een film over vroegere tijden. Moderne uithangborden waren even weggehaald en werden nu dus weer teruggeplaatst.
In het klooster was er veel aandacht voor de renaissance plafonds: nog lichter en hoger dan de gotiek ze kon maken. Via spiegels kon je ze nog wat makkelijker zien. In de kerk stonden de beelden voor de Goede Vrijdagprocessie al klaar en in een museum was er nogal wat christelijke kunst uit de Philippijnen, waaronder een Michael die wel op een heel gevoelig deel van de duivel staat!
Ooievaars zie je bij heel veel kerken en sommige andere grote gebouwen in Spanje. Hier enkele paren die op de San Estaban onderdak hebben gevonden.
donderdag 7 juni 2018
Avila
Na het gezellige, wat protserige maar toch erg provinciale Aranjuez en het overdonderende Toledo gingen wij in de kou naar het hoge (1100 m!) en veel kleinere Avila. Er is een grote serie palacio, herenhuizen of stadspaleizen dus, die ook zijn opengesteld, maar die hebben wij maar even overgeslagen. Belangrijkste voor ons was Avila toch wel vooral de middeleeuwse sfeer, de intact gebleven stadsmuren, zeker zo mooi en nog echter dan die van Carcasonne, maar vooral de stad van Jan van het Kruis en de grote Teresa.
Het was lente (en na 13:00 ook best wel warm), nog veel sneeuw op de bergen in de omtrek en Karel had dus zijn jasje maar aangetrokken, al was het al warm toen wij in Aranjuez vertrokken.
Ook hier, als in Toledo een kerk waarbij het centrale deel is ingenomen door twee afscheidingen: priesterkoor en de plek voor de kanunniken. Maar erom heen valt nog heel veel te zien. Een Santiago Matamoros, die ergens in Noord-Spanje in 844 de Spanjaarden tegen Moren hielp tijdens een veldslag, waarom hij die bijnaam kreeg en de grote verering in Compostella. hier midden in de bovenste rij van de retabel.
De twee mystieke en tegelijk kerkhervormende leiders van het Spanje van de contra-reformatie. Over Jezuïeten hoorden of zagen wij hier weinig, nog minder over de neigingen van sommige Spanjaarden tot het volgen van de Reformatie (bijvoorbeeld Michel Servet).
Het was lente (en na 13:00 ook best wel warm), nog veel sneeuw op de bergen in de omtrek en Karel had dus zijn jasje maar aangetrokken, al was het al warm toen wij in Aranjuez vertrokken.
Ook hier, als in Toledo een kerk waarbij het centrale deel is ingenomen door twee afscheidingen: priesterkoor en de plek voor de kanunniken. Maar erom heen valt nog heel veel te zien. Een Santiago Matamoros, die ergens in Noord-Spanje in 844 de Spanjaarden tegen Moren hielp tijdens een veldslag, waarom hij die bijnaam kreeg en de grote verering in Compostella. hier midden in de bovenste rij van de retabel.
De twee mystieke en tegelijk kerkhervormende leiders van het Spanje van de contra-reformatie. Over Jezuïeten hoorden of zagen wij hier weinig, nog minder over de neigingen van sommige Spanjaarden tot het volgen van de Reformatie (bijvoorbeeld Michel Servet).
Abonneren op:
Posts (Atom)