woensdag 27 september 2017

Wim de Ru dirigeert al 40 jaar in de Leidse Studenten Ekklesia LSE

Zondag 24 september waren alle oud-leden van het koor van de LSE opgetrommeld om meer massa te geven aan deze gebeurtenis en maar liefst 70 oud-leden waren ook gekomen. Veel mensen dus vóór en rondom Wim. Hij werd onder meer later gevierd met een glossy": veel intern nieuws over het koor meet veel trouwe leden. Maar eerst 'gewoon' een dienst onder leiding van Wim de Ru zelf.
Het werd een sfeervolle dienst met veel psalmen, zodat we nog maar eens moesten bedenken dat niet de Toral en die 600zoveel geboden de kern van de joodse traditie is, maar die 150 psalmen die zoveel menselijke emoties en verlangens onder woorden hebben gebracht. En dat zingen wij dan graag na want dat maakt het meteen zoveel intenser. We kwamen nogal wat oude kennissen tegen, maar moesten naar nogal wat namen ook raden: we zongen er tussen 1998-2004 en dan nog een jaar er tussen uit naar Montreal. Maar mooi er weer eens te zijn.
De kerken die meer Nederlandse traditie in de diensten stoppen doen het voorlopig nog wat sterker dan die altijd toch wat weifelende LSE. Misschien zou dat dus ook helpen: wat steviger conservatief, maar dat willen de LSEers terecht niet. Deze groep die graag wat kritisch is, twijfelt, nogal eens weer even niet komt, ja, nu weer eens feestelijk in de Hooglandse kerk.
Er waren ook grappige teksten achteraf over de dirigent:
Ja, elke zondag kwart voor twaalf klimt hij op de bok
en kijkt de schola aan of ze hem nog wel zien staan;
een enkeling let op zowaar, maar ach na veertig jaar
maar ach na veertig jaar vindt hij dit niet meer zo raar

En als het dan zo ver is dat de Schola hem ziet staan\begint hij met het eerste lied, ja helemaal vooraan
van gij en ik, van knoppen die op springen staan een vlaag
voor wie dit alles niet begrijpt: het is een beetje vaag...
 Het was een feestelijke nazomerzondag in druk Leiden. Wij weten dat onze kinderen deze traditie niet zullen voortzetten, er soms zelfs stevige bezwaren tegen hebben. Of het niet nodig meer vinden, maar zelf hechten wij er aan en dit was binnen deze sfeer wel weer een bijzonder mooi moment.

maandag 25 september 2017

Luther in het Catharijne

Het was oorspronkelijk een aartsbisschoppelijk museum, stevig katholiek dus, maar het Museum Catharijneconvent is nu een algemeen museum voor christelijke kunst in Nederland. De tijden van Guus van den Hout zijn voorbij: tussen ongeveer 2000-2010 maakte hij er een algemeen religieus museum van, waarbij religie ook nog stevig werd opgerekt. Hoogtepunt daarin was de tentoonstelling over de lingga, de penis dus. Maar helemaal terug bij af is het museum niet: met veel respect en liefde wordt een tentoonstelling aan 500 jaar reformatie van Luther gewijd.
Er zijn veel van de oudste publikaties bijeen gebracht, waaronder aardig wat van de bibliotheek van het Catharijne zelf. Wat nu de social media zijn, was toen de juist populair geworden boekdrukkunst: zonder dat was het niets geworden en door de dunne en dikke boeken liep het als een tein niet meer te stoppen.
Typisch vond ik ook de nadruk op afbeeldingen: Luther was al snel niet tevreden met de enige drukker in Wittenberg en haalde een drukker uit Leipzig die wel goed met afbeeldingen om kon gaan. Het moest er ook wel goed uitzien, die pamfletten tegen de aflaathandel en de boetepsalmen en andere geschriften. In de donkere lange gang lag het vol met mooie werkjes.
De geschiedenis van die eerste decennia van de reformatie komt dan in korte taferelen aan de kant. De economische strijd is er maar terloops. De boerenoorlog van 1525 toen de arme boeren vonden dat vrijheid van een christen ook opstand tegen de landheren kon zijn, komt niet duidelijk naar voren. Over de verkoop van aflaten horen we wel dat de keizer het niet leuk vond dat er veel geld naar tegenstander paus in Rome ging, maar het geld domineert niet.
In de beschrijvingen sluipen wat foutjes binnen. Erasmus vertaalde natuurlijk uit het Grieks en niet naar het Grieks toe. Hij was wel de eerste die zorgde dat de Griekse grondtekst in een goede en verantwoorde druk beschikbaar kwam, maar verdedigde juist het vertalen naar de gelovigen toe. Immers, de apostelen hadden de Aramees sprekende Jezus toch ook al naar het Grieks vertaald.
Evenverderop stond een kaart met de verspreiding van Luteharanisme, Calvinisme en Anglikanisme over Europa. Kritische bezoekers merkten meteen op dat de islam in het Ottomaanse rijk goed was ingetekend, maar dat verder Rusland, Servië en griekenland nog onder de Rooms-Katholieken waren gerekend, terwijl die grote splitsing  toch al 450 jaar voor die van Lujther kwam, 1054.
Er was een mooi paneel met cartoons, ook uit die tijd, waarin de katholieke kerk stevig werd vekritiseerd. Voor een museum natuurlijk de taak om de beeldcultuur te benadrukken. Zou dat ook een reden zijn waarom musea zo in trek zijn?


En wat kwam er van terecht? Kale sobere kerken, een ingetogener christendom met meer kansen voor de gewone leken. Maar het blijft een fase in een proces, zij het een waardoor Nederland ook spleet in twee grote groepen, zodat ieder dorp wel een protestante naast een katholieke kerk heeft. En die moeten allebei tegenwoordig weer stevig werken om relevant en bij de tijd te blijven.
Mooi was het dus om te zien hoe juist een debat over een kleine kwestie, de aflaat, zoiets in beweging heeft gezet. Juist die concrete kwesties zijn vaak de toegang tot de grotere vragen. Zo is het punt van de hoofddoek juist vaak een heftiger punt van debat dan de ´grote´ theologische verschillen tussen christenen en moslims nu.

zondag 24 september 2017

IUR 20 jaar Islamitische Universiteit Rotterdam

14 September 2017 vierde de IUR, nu genoemd als Islamic University of Applied Sciences zijn 20e verjaardag. Het was ook de opening van het nieuwe collegejaar. Het was een rustige viering, waarin vooral de nadruk werd gelegd op wat er bereikt is: een door de staat erkende bachelor-opleiding islamitische theologie op HBO niveau (daarom die 'University of Applied Sciences') en een Master Opleiding geestelijke verzorging.
Prof. Ahmed Akgündüz staat hier wat wazig op de foto, maar dat is geen symboliek. Hij zag er uit als een proud rector. Hij sprak aanzienlijk zachter dan anders, benadrukte dat hij geen boze kritiek wil uiten, maar vooral het goede wilde vieren. Hij wil vooral constructief zijn. Het Nederlands lukt nog niet echt goed, dus sprak hij Engels.  Er werd vermeld dat een vijftal oud-studenten in Nederland een baan als imam hebben gevonden en nu plaatselijke gemeenten leiden. Er zijn contracten gesloten met Hartford Seminary Foundation, er is goed contact met Surinaamse instellingen, zodat men hoopt op studenten uit die richting.  Akgündüz wees de term dar al harb af en wil spreken over dar al ahd: geen oorlog, maar een goed contact zelfs een contract met het westen.
Maar: integration is geen assimilation. Er blijven grenzen. Een ervan werd met name genoemd: wel respect voor homosexuele mensen, maar geen goedkeuring van homosexualiteit als levenswijze.
Na de studie over Islamic Public law, is hij nu ook gereed met een handboek over Muslim Private law en gaat nu een werk schrijven over usul fiqh, de grondbeginselen van de islamitische plichtenleeer.
Er waren prominente gasten. Van Nederlandse niet-moslimzijde waren er Anton Wessels en Jan Peters: ietwat magertjes. Uit de United Arab Emirates was Shaykh Al Sayed Ali al Hashemi, counselor of religious affairs gekomen, die een korte toespraak in het Engels hield (alles was kort vandaag: na goed drie kwartier was de zitting al afgelopen).

Andere spreker was Abdulkadir Elbalci, voorzitter van het stichtingsbestuur, dus de man die voor het geld moet zorgen. Hij hield een toespraak in het Turks met wat optimistische poëtische trekjes: een zon is opgegaan in Rotterdam, 20 jaar geleden. Die zal Europa gaan verlichten.
Dat is andere koek dan de ongeduldige Sybrand Buma, die geen goed oog heeft voor de islamitische verlichting!  Gezien de drie talen van deze morgen: Engels, Arabisch en Turks is de integratie in Nederland nog niet helemaal af. Enkele maanden geleden gaf ik een gastcollege en had voor het eerst van mijn leven twee totaal gesluierde brouwen onder mijn gehoor. Alleen een dun spleetje tussen de zwarte stof lieten iets van ogen zien. Ze zaten op de eerste rij stoelen, stelden ook nog enkele vragen. Dat was toch even schrikken als je tegen zo'n barrière aan moet praten. Maar de jonge staf die er rond loopt in keurig pak en met een perfecte beheersing van Nederlands en van de conventies hier, geven een heel andere en veel positiever indruk.

zondag 17 september 2017

Verwarring over de joods-christelijke bronnen: Siebrand Buma

De term Joods-christelijk heeft al weer een tijdje geschiedenis gemaakt. In de jaren 1930 was er een tegenstroom in de christelijke kerken die het Joodse karakter van het vroege christendom wilde benadrukken. Dat is voortgezet na de 2e wereldoorlog: Jezus wordt een jodendom, er komen rabbijnen doceren op christelijke theologische opleidingen. Amsterdam, de stad van waaruit de meeste Joden zijn gedeporteerd in WO II, ging daarin voor. In de Oosterhuis-liederen wordt Jezus een Jodenman.
De nieuwe Israel-theologie was voor een belangrijk deel een reactie op de holocaust, een correctie op bijna 20 eeuwen vervloeking van Joden.
Maar de nieuwe formule van de 'joods-christelijke basis van de westerse beschaving' is weer in een ander debat ingebed: exclusief tegen de moslims. In tegenstelling tot Korangeleerden als Angelika Neuwirth (Der Koran als Text der Spätantike, tegen de achtergrond van de religieuze ontwikkelingen in het Oost-Romeinse keizerrijk!) en Gabriel Said Reynolds (The Qur'an and its biblical subtext: je moet de Koran eigenlijk zien als een verzameling preken, vaak gebaseerd op een joodse of christelijke tekst) wordt hier, vaak wel heel erg makkelijk, de tegenstelling joods-christelijk gezet tegen moslims in. Is dat luiheid? Kwaadaardigheid? Politiek opportunisme?
Toch nog even Franciscus en de sultan: tegen de kruistochten in.
Een eerste citaat uit Sybrand Buma, Tegen het cynisme, dit voorjaar, blz. 207
Iedereen is intrinsiek van waarde, ongeacht zijn geslacht, huidskleur, prestaties of functies, maar alleen door het simpele feit dat hij er is. Deze gelijkwaardigheid is uniek voor de joods-christelijke cultuur; we kwamen dit eerder tegen in het hoofdstuk over de Apostel Paulus. De dominante culturen in Azië en het Midden-Oosten kennen van oorsprong veel meer hiërarchie. Van Paulus wordt geciteerd uit Galaten 3:28 Er is geen Jood of Griek meer, geen slaaf of vrije... Dus toch: geen christen of moslim!
Een waarom werden de Indonesiërs moslims en zovelen in India boeddhist? Omdat dat tenminste religies waren die de kasten-systemen afschaften!
En dan nog een kort citaat uit die laatste HJ Schoo-lezing: Verwarde tijden die om richting vragen:  'Als vraagstuk in het vraagstuk: wat betekent de opkomst van de islam in ons land? .. dat er een soort Europese verlichte islam zou ontstaan, is ijdele hoop gebleken.
Dat is dus de hedendaagse 'christelijke politiek' en daar moeten we het voorlopig helaas mee doen.

In deKanttekening van 18-24 September staat ook een stevig kritisch artikel over Buma: sinds hij aan de leiding is in het CDA heeft hij constant allochtonen van de partij vervreemd: zij zijn een probleem en nu zelfs zondebok geworden. Sinds 1798 heet er scheiding tussen kerk en staat te zijn: maar er is gelijkheid gekomen en de kerken en religies dienen financieel hun eigen broek op te houden, maar echte scheiding: dat is er echt nog nooit geweest. De Surinaamse Nederlander Akbal Mohamed, sinds 1973 actief in het CDA voert hier de onvrede aan: ok lokaal niveau gaat het vaak nog wel goed, maar in de top is de sfeer vooral door allerlei uitlatingen van Buma helemaal verpest.

maandag 28 augustus 2017

Een 'nieuwe Koran': voor kinderen én volwassenen

Abdulwahid van Bommel is nauwelijks echt bekomen van het grote project in zes delen, de Masnawi van Djalaluddin Roemi, of er is van de nieuwe serie van vier delen al een mooi en groot uitgegeven boek verschenen: De Koran. Uitleg voor kinderen. Ruim 400 bladzijden, stevig papier, mooi gebonden en vooral erg mooi, zij het sober geïllustreerd.
In dit eerste deel (gemikt wordt op kinderen van 10/11 die het zelf lezen) wordt vooral het leven van Mohammed en enkele andere profeten besproken,vooral Adam, Moah, Hoed en Abraham.
Voor deze kleine inleiding concentreer ik op de sectie over Ahraham/Ibrahiem, 208-244.
Allereerst de titel: De zoektocht naar Allah. Niet dat Abraham een land en een volk 'kreeg', niet het geloof in de Ene, maar de zoektocht, het nadenken van Abraham, de onmogelijkheid van die afgodsbeelden als machthebbers, en vooral het nachtelijk visioen, dat breed wordt uitgewerkt.

Op blz. 224, na de beschrijving van de god die niet verdwijnt als maan, zon en sterren, komt dan de vraag: Was Ibrahiem zelf Jood, christen of moslim? Nee, zegt de Koran, hij is een mens die zich echt overgaf. Hij was geen moslim omdat hij van een bepaald volk was, omdat zijn ouders dat waren of omdat hij zichzelf zo noemde. Hij was een 'moslim' in de betekenis  van een 'mens die zich volledig aan Allah had gegeven.
Kort, maar prachtig universele betekenis. De grote oecumene is voor Van Bommel niet dat de grote religies bij elkaar komen, maar dat de mens de muren niet hoeft te zien omdat het wezenlijke er is: dat een mens vertrouwelijk omgaat met de God waaraan men zich helemaal kan geven.
Van Bommel verbindt dit met de term hanief, door hem vertaald als Godszoeker. De negatieve mogelijkheid van 'heiden' laat hij nu maar even weg.
Het wrede offeren van een kind (ook al ging het uiteindelijk niet door) laat van Bommel in dit boek helemaal achterwege, ook al is het komende week Offerfeest. Zoiets raars hoeven kinderen (nog) niet te horen. maar wel krijgt Ismail een belangrijke functie in het verhaal: want zo worden sommige verhalen, als het bouwen en gebruiken van de Ka'ba juist wel vanuit het perspectief van de jongen Ismail verteld (in de appendix met Koran-nummers wordt wel verwezen naar 37:100-101, Ibrahiem is bereid zijn zoon te offeren en wordt daarvan vrijgesteld).
Een groot aantal van de 'korte soera's' wordt vrij vertaald en summier uitgelegd. De 'Meester/Koning van de dag van het oordeel' yaum ad-dien wordt mild weergegeven als Meester van de beloofde dag..
Niet alleen voor kinderen is dit een prachtig boek! Dank je, Abdulwahid!

dinsdag 22 augustus 2017

Een tsunami aan nieuwe musea? Oostmarsum en Ton Schulten

Tussen 1860 en 1940 zijn er in Nederland ongeveer 800 nieuwe katholieke kerken gebouwd. Veel ervan als kathedralen. Dank Pierre Cuypers, Tepe en vele anderen.Nu blijkt dat toch teveel te zijn geweest en dus zoekt men andere bestemmingen.
Nu lijken we in een hoos (of 'tsunami') aan nieuwe musea te zitten. Wij waren onlangs al in Gorssel, Ruurlo moeten we nog gaan zien.  Via een vriendin kwamen we in Ootmarsum terecht, waar de succesvoplle schilder Ton Schulten in twee gebouwen verkoopgalerieën heeft en in een heel mooie overzichtelijke nieuwbouw zijn eigen werk tentoonstelt (en verkoopt! De handel zit er hier goed in).
Heel anders van stijl dan de gewone huizen in Ootmarsum, maar watgrootte betreft pastten ze er wel heel mooi in.
We waren naar Ootmarsum gegaan omdat Wilna Wierenga hem kende als schilder, illustrator bij teksten van Jurjen Beumer en Anselm Grün. Het zijn vooral landschappen, in kleine vlakken geschilderd. Ze deden me denken aan de overgangswerken van Piet Mondriaan die via het schilderen van landschappen tot zijn abstracte werken is gekomen. Bij Schulten zijn het steeds landschappen gebleven.
Wilna Wierenga had er ooit bij een preek enkele uitgezocht waar een weg duidelijk in voorkwam en was verder in de overweging gegaan over het thema van de weg.
Hier een impressie van de tentoonstelling. Omdat de schilderijen nogal wat kleur en opzet van de afbeelding op elkaar lijken, is het wel aardig dat er ook nogal wat beelden van andere kunstenaars in het museum zijn opgenomen.
Je kon de afbeeldingen goedkoop krijgen als servetjes, placemats, als kopieën, in zeefdrukken en ook als unieke schilderijen: voor iedere portemonnaie wel wat.
Er waren ook nogal wat gedichten van Achterhoeker Willem Wilnink bij de schilderijen te zien. Een mooie promotie van het oosten van ons land dus.
Ik sprak er ook over met Tessel Pollmann, die na een lange tijd bij Vrij Nederland ook bij de monumentenzorg heeft gewerkt. Daar was een project om Ootmarsum tot beschermd dorpsgezicht te maken. Er waren tegenstanders die zeiden: 'Dan komen er toeristen en dus galerieën en verdwijnt de bakker, de slager en de fietsenmaker uit het centrum, voor die galerieën, musea en de eetgelegenheden.' Dat was dus duidelijk in Ootmarsum gebeurd: wel een mooi stadje gebleven, eigenlijk mooier nog geworden, maar ja, authentiek blijven dat valt niet mee.  Mooie dag.

Gareth Jenkins over Fethullah Gülen

Het nieuwe weekblad de kanttekening, editie van 19-25 augustis 2017 heeft een mooi interview met Gareth Jenkins, een Engelse journalist die al een jaar of 30 in Turkije woont en als zeer goed ingevoerd wordt beschouwd. 4 van de 16 bladzijden van deze editie zijn aan dit interview besteed. Opmerkelijk is dat Jenkins een aantal zeer kritische, zelfs uitgesproken negatieve opmerkingen plaatst over Fethullah Gülen, terwijl de kanttekening toch door Gülen-mensen wordt gemaakt en uitgegeven.
Een eerste verwijt betreft de intellectuele kwaliteit van het werk van Gülen: "Ze bevatten veel emotie, maar weinig intellect. Hij wordt dan ook niet serieus genomen door islamkenners in landen als Saoedi-Arabië en Egypte." Gülen is inderdaad geen originele denker, hij is een popularisator, is sterk in de mobilisering van mensen voor idealen, maar is geen criticus van sjarie'a zoals Abdullahi an-Na'im, geen filosoof als Iqbal of Nasr Hamid Abu Zaid. Hij kent de geschiedenis van de westerse filosofie niet als Tariq Ramadan. Maar hij heeft de mystieke en ethische kant van de traditionele islam wel in praktische uiteenzettingen aan moderne goed opgeleide Turken weten te bieden.



Hierboven de mooi tekening van Frans Kalb.  Fethullah Gülen zwaait 'zijn mensen' uit naar Europa met een boodschap van patrticipatie, goed onderwijs en dialoog.

Een tweede verwijt is dat pas in december 2013 Gülen-mensen met aanvallen op de omgeving van Erdogan zijn begonnen vanwege corruptie-zaken.

‘Ja, de corruptiebeschuldigingen zijn grotendeels waar, maar de timing van het naar buiten brengen van het bewijs is merkwaardig. Gülenisten deden dat namelijk als reactie op de toen nog relatief milde maatregelen van Erdogan tegen hun groeiende invloed, zoals enkele kleinschalige zuiveringen. Dus op het moment dat hun relatie met Erdogan verslechterde, probeerden ze hem af te zetten middels corruptieonthullingen. Dat toont aan dat ze niet oprecht waren. Als ze oprecht waren hadden ze het corruptiebewijs eerder naar buiten gebracht, niet nadat ze op slechte voet kwamen te staan met Erdogan.' 
Inderdaad het is geen gemakkelijke scheiding geweest tussen de twee, die elkaar sinds 2003 hadden gevonden, zij het nooit helemaal van harte en zeker niet exclusief, niet aan elkaar uitgeleverd.

Een derde opmerking gaat over het 'gebrek aan opvolgers'. Aldus Jenkins:  '
‘Maar Gülen is geen Karl Marx of zo, wiens boeken bijna anderhalve eeuw na zijn dood nog vele mensen over heel de wereld beïnvloeden. Na zijn dood zal de beweging verbrokkelen en op den duur volledig verdwijnen. Misschien niet tijdens mijn leven, maar dat de beweging zal ophouden te bestaan, is onvermijdelijk. Een andere reden daarvoor is de zwakke finantiële situatie van de beweging.' Inderdaad: Gülen heeft geen solide beweging opgericht, maar hizmet als beweging is los en kan in onderdelen wellicht nog een tijd doorleven, juist in de scholen die er wereldwijd zijn en vooral het grote aantal in Amerika kan ervoor zorgen dat de Amerikaanse tak een heel eigen leven zal gaan leiden. En om de persoon van Fethullah Gülen hoefde het nooit te gaan. Ook de inspiratie van hizmet en de krant Zaman Today gaat nu nog mooi door in dekanttekening. En ze zijn ook niet te beroerd om kritische stemmen helder en zonder beknotting aan het woord te laten. Lees dat weekblad!